Heb je flexwerkers in dienst? Dan betaal je voor deze werknemers een hogere WW-premie dan voor vaste werknemers. Vanaf 1 januari 2020 is de hoogte van de premie namelijk afhankelijk van de aard van het contract. Wat betekent dit voor jou?

Wanneer mag je een lage WW-premie afdragen?

Uitgangspunt is dat je lage premie betaalt voor vaste werknemers. Daarvoor moet het contract voldoen aan de volgende voorwaarden:

  1. er is sprake van een schriftelijk arbeidscontract, en;
  2. het contract geldt voor onbepaalde tijd, én;
  3. er is geen sprake van een oproepcontract.

Wordt niet aan deze voorwaarden voldaan? Dan betaal je in principe de hoge WW-premie. Hierop gelden enkele uitzonderingen. Bovendien heb je tot 1 juli 2020  om te voldoen aan het schriftelijkheidsvereiste, als dat nu nog niet het geval is. Dit was tot 1 april 2020 maar als gevolg van het coronavirus is de termijn opgeschoven naar 1 juli 2020.

Vereiste 1: schriftelijk arbeidscontract

Om een lage WW-premie te mogen betalen, moet je allereerst een schriftelijk arbeidscontract in de loonadministratie beschikbaar hebben. Hierbij geldt dat ook bij een digitale arbeidsovereenkomst wordt voldaan aan het schriftelijkheidsvereiste.  Dus ook een digitale handtekening volstaat. Net als  instemming via e-mail of in een HR-systeem.

Verder moet je zowel op de loonstrook, als bij de loonaangifte te vermelden dat er sprake is van een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd als je een lage WW-premie wil betalen.

Tot 1 juli 2020 om te voldoen aan schriftelijkheidsvereiste

Heb je een vaste werknemer in dienst, maar is het contract nooit schriftelijk vastgelegd? Of is de schriftelijke overeenkomst niet meer in de administratie beschikbaar? Dan volstaat een addendum, die aan de volgende voorwaarden voldoet:

  • zowel werknemer en werkgever hebben het addendum ondertekend, en;
  • uit het addendum blijkt dat er vóór 1 januari 2020 sprake was van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, dat géén oproepcontract is;
  • het addendum moet voorzien zijn van de datum van ondertekening;
  • je bewaart het addendum bij je loonadministratie.

Je hebt tot 1 juli 2020 de tijd om ervoor te zorgen dat er een schriftelijke arbeidsovereenkomst in de loonadministratie beschikbaar komt. Tot die tijd mag je een lage WW-premie afdragen, óók als je nog niet aan deze administratieve vereisten voldoet.  Maar let op, want beschik  je niet vóór 1 juli 2020 over een schriftelijke overeenkomst? Dan ben je vanaf 1 januari 2020 met terugwerkende kracht alsnog de hoge premie verschuldigd. Zorg dus dat je dit op tijd doet!

Vereiste 2: onbepaalde tijd

Daarnaast mag je alleen een lage WW-premie betalen als het arbeidscontract voor onbepaalde tijd is.  Ook hier geldt dat je de aard van het contract (onbepaalde of bepaalde tijd) moet vermelden op zowel de loonstrook als bij de loonaangifte. Via het digitaal verzekeringsbericht van de UWV kan de werknemer checken of de aard correct is doorgegeven.

Let op! Heb je een tijdelijk contract voor onbepaalde tijd verlengd, maar geen nieuw contract opgesteld of alleen een verlengingsbrief verzonden? Dan mag je pas een lage WW-premie betalen, nadat:

  • het oorspronkelijke arbeidscontract aan de nieuwe situatie is aangepast óf in een addendum is vastgelegd, én;
  • het aangepaste contract of het addendum voorzien is van een datum en door beide partijen is ondertekend, en;
  • het aangepaste contract of addendum aan de loonadministratie is toegevoegd.

Meer weten over het maximaal aantal te sluiten tijdelijke contracten? Lees dan mijn artikel: “Ketenregeling: Tijdelijk contract wel of niet verlengen?“.

Vereiste 3: er is geen sprake van een oproepcontract

Tot slot mag de werknemer niet op oproepbasis werken als je een lage premie wil afdragen. Van een oproepovereenkomst is sprake als:

  • de arbeidsomvang niet is vastgelegd in een vast aantal uren van maximaal een maand, of;
  • de arbeidsomvang niet is vastgelegd in vast aantal uren van maximaal een jaar, waarbij het loon gelijkmatig over het jaar is gespreid, of;
  • er sprake is van een uitzendcontract, waarbij het recht op loondoorbetaling is uitgesloten.

Zowel het nulurencontract, als het min-maxcontract zijn oproepovereenkomsten waarop dus de hoge WW-premie wordt berekend. Wil je weten welke bijzondere regels gelden voor deze contracten? Lees dan mijn artikel: “Het nulurencontract en het min-maxcontract: wat moet je als werkgever weten?”.

Wanneer altijd een lage premie?

Uitgangspunt is dus dat je alleen een lage premie mag afdragen bij een schriftelijk arbeidscontract voor onbepaalde tijd, niet zijnde een oproepcontract. Hierop zijn drie uitzonderingen:

  1. Er geldt altijd een lage WW-premie voor tijdelijke contracten voor jongeren met een bijbaantje. Deze uitzondering is alleen van toepassing bij werknemers die niet ouder zijn dan 21 jaar én bovendien niet meer werken dan 12 uur per week of 52 uur per maand.
  2. Je mag ook een lage WW-premie betalen als je met een BBL-leerling (naast een praktijkovereenkomst) een tijdelijke arbeidsovereenkomst sluit.  BBL staat voor: Beroeps Begeleidende Leerweg.
  3. Je mag een lage WW-premie betalen over de uitkering op grond van een werknemersverzekering, zoals een WW-uitkering.

Let op: soms tóch hoge WW-premie bij vast contract!

Ook als het contract voldoet aan de voorwaarden, kan het zijn dat je alsnog (met terugwerkende kracht) de hoge WW-premie moet afdragen. Om te voorkomen dat (ogenschijnlijk) vaste contracten tóch flexibel worden ingezet, kan de lage premie worden herzien. Dat kan in de volgende situaties:

  1. Het dienstverband wordt binnen twee maanden na aanvang beëindigd. Hiermee wordt voorkomen dat de proeftijd wordt gebruikt als manier om (toch) een lage premie af te dragen.
  2. Parttimers (< 35 uur per week) die in een kalenderjaar 30% of meer uren verloond krijgen, dan contractueel voor dat jaar is afgesproken. Zo wordt voorkomen dat structureel overwerk wordt gebruikt als manier om een lage premie te betalen voor werknemers die eigenlijk op oproepbasis werken. Als gevolg van het coronavirus zal deze regeling (tijdelijk) niet in bepaalde sectoren gelden, de regering werkt dit nog uit.

In 2021 wordt gekeken of er nog 2 herzieningsgronden bijkomen, namelijk:

  1. De werknemer ontvangt een WW-uitkering binnen een jaar na indiensttreding.
  2. De werknemer ontvangt een WW-uitkering, terwijl de premie maximaal een jaar eerder is herzien wegens de situatie zoals bedoeld onder 3.

Berekening herziening

Als er sprake is van een herzieningssituatie, ben je met terugwerkende kracht de hoge WW-premie verschuldigd. Hierbij geldt dat de herzieningsperiode betrekking heeft op een periode van maximaal 12 maanden. Heeft de arbeidsovereenkomst korter geduurd? Dan geldt de herziening voor de totale duur van het arbeidscontract.

Hoogte van WW-premie 2020

De WW-premie voor flexibele contracten komt standaard 5% hoger te liggen dan voor vaste contracten. Voor 2020 geldt een laag WW-tarief van 2,94% en een hoog tarief van 7,94%.

Tips ter voorbereiding op een controle

De Belastingdienst en het UWV wisselen informatie uit om ontwijking van de premiesystematiek te voorkomen. Het is daarom belangrijk dat de informatie die via de loonaangifte wordt doorgegeven, ook correspondeert met de daadwerkelijke aard van de arbeidsovereenkomst. Hiervoor enkele tips:

  • Vermeld de aard van het arbeidscontract (vast of tijdelijk) zowel in de arbeidsovereenkomst als op de loonstrook.
  • Bewaar een kopie van de arbeidsovereenkomst in de loonadministratie. Dat ben je (ook) verplicht voor werknemers waarvoor je een lage premie afdraagt.
  • Draag je een lage WW-premie af? Bewaar dan altijd een (door beide partijen) getekende arbeidsovereenkomst in het dossier.
  • De Belastingdienst gaat controleren of de vaste arbeidsomvang niet wordt overschreden met meer dan 30% aan verloonde uren. Heb je werknemers in dienst met een vast contract voor minder dan 35 uur per week? Zorg er dan voor dat het overwerk in december niet meer dan 30% afwijkt van de afgesproken arbeidsomvang.
  • Let op: naast de gewerkte en uitbetaalde (over)uren, vallen onder deze 30% ook de uitbetaalde tijd-voor-tijduren en uitbetaalde vakantie-uren.
  • Is een overschrijding van deze 30% niet te voorkomen? Dan moet je voor de voorafgaande twaalf maanden alsnog de hoge WW-premie betalen.
  • Er komt een coulanceregeling in bepaalde branches (denk aan de zorg) voor deze “30% regel” als gevolg van het coronavirus.

Vragen over de WW-premiesystematiek?

Of vraag je je af of het verstandig is om jouw flexibele arbeidscontracten om te zetten naar vast? Ik help je graag verder!